in

Groot deel Nederlanders wil het liefst het hele jaar wintertijd

De meeste inwoners van Nederland willen het liefst altijd de wintertijd aanhouden. Uit een flitspeiling (.pdf) onder ruim 1800 mensen, in opdracht van minister Ollongren van Binnenlandse Zaken, blijkt dat 41 procent voorstander is van de standaardtijd. Ongeveer een kwart wil liever de zomertijd en nog eens een kwart kiest voor het huidige systeem van het halfjaarlijks verzetten van de klok.

Met een permanente wintertijd wordt het in de zomer (nog) eerder licht, maar ook vroeger donker. Bekijk de verschillen:

Wintertijd

Minister Ollongren besloot een peiling te houden onder de Nederlandse bevolking, naar aanleiding van de oproep van voorzitter Juncker van de Europese Commissie om te stoppen met het aanpassen van de klok. Hij wil dat EU-lidstaten kiezen tussen een permanente zomer- of wintertijd.

Het kabinet had eerder nog veel vragen over het Europese voorstel. Vicepremier De Jonge benadrukte bovendien dat er afstemming moet komen met andere lidstaten, vooral met de Benelux en met Duitsland. Dat laatste vindt ook een meerderheid van de ondervraagden.

Ollongren wil dat de drie tijdssystemen eerst verder worden onderzocht. Ze is blij dat andere lidstaten daar ook de tijd voor nemen. “Dan moeten we nog maar een paar keer de klok verzetten, maar dan hebben we daarna een resultaat waarmee we uit de voeten kunnen.”

Eind oktober werd al duidelijk dat het verzetten van de klok op zijn vroegst pas in 2021 kan worden afgeschaft. De Europese ministers van Transport vonden de discussie te ingewikkeld om toen al een besluit te nemen. Het is onduidelijk wanneer het onderwerp weer in Brussel op de agenda staat.

Het halfjaarlijks verzetten van de klok heeft voor- en nadelen. Het belangrijkste argument om de zomertijd in 1977 in te voeren, was energiebesparing. Daarnaast hoopte de Tweede Kamer dat de recreatiesector ervan zou profiteren dat het langer licht bleef.

Maar het is moeilijk te bepalen hoeveel energie er wordt bespaard door de zomertijd. Er is een studie gedaan waaruit bleek dat dat 0,3 procent was. Leden van het Europees Parlement vinden dat te weinig.

Bovendien hebben sommige mensen last van het verzetten van de klok. Ze zijn uit hun ritme, liggen de eerste nachten na de tijdsverandering wakker of krijgen op rare momenten trek in eten.

Flitspeiling

Bijna 2000 Nederlanders hebben de vragenlijst ingevuld (.pdf). In eerste instantie werd gevraagd naar de spontane mening: de mening over de zomertijd, wintertijd en het halfjaarlijks verzetten van de klok, zonder verdere informatie over voor- en nadelen.

Daarna zijn de respondenten geïnformeerd over de gevolgen van altijd zomertijd, altijd wintertijd, of het blijven verzetten van de klok, zoals de lengte van de langste en kortste dag: de geholpen mening. Als laatste kregen ze een aantal mogelijke voor- en nadelen voorgelegd en moesten zij bepalen of zij deze als voor- of nadeel zien: de uitgebreide afweging.

Het resultaat na de uitgebreide afweging laat zien dat 41 procent van de respondenten positief is over het invoeren van de standaardtijd (wintertijd), 27 procent is positief over de zomertijd en 24 procent over het verzetten van de klok.

De respondenten hebben dus niet de keuze gekregen tussen óf standaardtijd, óf zomertijd óf klok verzetten, maar hebben elk van de opties moeten beoordelen als positief of negatief.

Oordelen over zomer- en wintertijd

POSITIEF NEUTRAAL NEGATIEF GEEN MENING
Altijd standaardtijd 41% 26% 25% 8%
Altijd zomertijd 27% 26% 39% 8%
Klok verzetten 24% 30% 39% 6%

Bron : NOS

Reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Loading…

0

Verdachte schietincident Rotterdamse school is eerder veroordeeld

Cijfers Prinsjesdag waren te positief